De goochelaar

Hoe zaag je een dame doormidden zonder bloed te laten vloeien? In de goochelwereld is het not done om illusies te verklappen. Sylvia Schuyer, één van de weinige vrouwelijke illusionisten, is een uitzondering: zij vindt het juist leuk om mensen een kijkje in de keuken te geven, en haar zelfverzonnen trucs uit te leggen. Het doorzien van goocheltrucs is, zelfs met achtergrondkennis, behoorlijk ingewikkeld. Schuyer: ‘Soms vertel ik tijdens een performance stap voor stap wat ik doe. Het grappige is dat mensen zelfs wanneer ik een foefje toelicht, nog steeds niet zien wat er gebeurt. Je moet dingen echt héél langzaam een paar keer voordoen willen ze de boel doorzien.  

Goochelen gaat om het manipuleren van de aandacht. Illusionisten maken gebruik van wetmatigheden in de manier waarop we kijken: onze aandacht wordt bijvoorbeeld automatisch getrokken door beweging, waarmee de goochelaar ons kan afleiden. Ook heeft ons brein de neiging om ‘gaten op te vullen’. Als we een lange kist zien met aan de ene kant een hoofd en aan de andere kant twee benen, dan maakt ons brein hier ‘een liggend meisje in kist’ van. De hersenen houden er geen rekening mee dat het een technisch ingenieuze kist kan zijn.

Zo ontmasker je hem

Wees kritisch Wie een truc wil snappen, moet zich bij elke beweging van een goochelaar afvragen waar die voor dient. Schuyer: ‘Alle handelingen die ik uitvoer, hebben een doel. Als ik een pluk haar uit mijn gezicht veeg, is dat niet voor niks. Ik gebruik het feit dat mijn hand even niet zichtbaar is om bijvoorbeeld een speelkaart te markeren. Of ik maak gebruik van het gegeven dat mensen automatisch kijken naar opvallende bewegingen, en stiekem doe ik met de andere hand dan de echt belangrijke handeling.’
Overigens weet een goochelaar dat veel mensen kritisch kijken, en ook daarmee wordt dan weer gemanipuleerd. Schuyer: ‘Wanneer ik zeg: “In mijn hand heb ik een doodgewoon wit zakdoekje” dan denkt het publiek natuurlijk: 'aha! Dit zakdoekje is natuurlijk helemaal niet zo gewoon. Het is een heel belangrijk doekje!” Het publiek is vervolgens zo gefocust op het magische doekje, dat ik ongestoord de echte truc kan uitvoeren.’

Kijk goed. Vraag je af of wat je ziet wel echt is wat je ziet. Is die lange smalle kist op podium echt zo smal, of heeft de kist een wit middengedeelte en zwarte flanken en die wegvallen tegen de zwarte achtergrond? Bij de  hulpstukken (illusies) waar een goochelaar mee werkt, wordt vaak gebruik gemaakt van dubbele bodems, strategisch geplaatste glasplaten, spiegels, kleur, schaduw en licht. Kan het zijn dat die ene doos uit twee delen bestaat, dat dat kleine balletje in werkelijkheid groter is, dat die hoed dichterbij staat dan het lijkt? Redeneer terug. Mensen zijn slordige waarnemers: we denken pas na op het moment dat er iets fout gaat. Normaal gesproken komen we hiermee weg, maar niet bij een goochelshow. Illusionisten doen namelijk hun best om ons te laten geloven dat we begrijpen wat er gebeurt – totdat het te laat is en we moeten constateren dat we toch ergens iets hebben gemist. Maar waar? Probeer de opeenvolgende handelingen van achter naar voren terug te draaien en in je herinnering en kijk of je een zijpad kunt ontdekken, met een mogelijke alternatieve verklaring.

Bron: Psychologie Magazine

<<<